Bezoek

Geschreven door: | Gepost op: | Categorie:

Vrieeend,

Je ontkomt er niet aan. Je hebt je land ingeruild voor een andere stek, je hebt afstand geschapen, en dan keer je voor het eerst even terug om met je familie de feestdagen door te brengen.

We wonen inmiddels in een land met veel ruimte. Vermits de eikenbomen in onze tuin nu hun meeste bladeren kwijt zijn, hebben we vanuit het raam van onze woonkamer uitzicht tot op de besneeuwde toppen van de Gorge du Verdon. Toen we voor het eerst in Bras onze vakanties doorbrachten, nu alweer vijfendertig jaar geleden, was dat zicht er het hele jaar door. Maar bomen groeien en worden hoger. Een geruststellende gedachte. En als we boodschappen doen in Saint-Maximin zien we de Mont Saint Victoire, de slapende reus, veertig kilometer verderop liggen blakeren in de zon. Iedereen die niet lijdt aan agorafobie begrijpt me. Ver zicht zorgt voor rust en asem.

Het mag niet verbazen dat we dit gevoel niet hebben als we België aandoen. Het is geen oordeel, het is een vaststelling: België, en zeker het centrum en het noorden waar onze familie en vrienden wonen, is luid en vol. Overvol. Afgezien van enkele oases, die er zeker zijn, lijkt alles vol beton gegoten en ik vraag me af of ik hieraan opnieuw zou kunnen wennen. Misschien. Maar ik denk eigenlijk van niet.

We logeerden bij mijn zus op de boot en vielen in slaap op de lichte deining van het Gentse havenwater. We voeren die nacht naar Amerika omdat mijn zus een leeuwentemster met een berenmuts op was geworden. Maar we bleven hangen in Cuba om er sigaren te roken en rum te drinken... Het was goed om mekaar eens in de ogen te zien en te praten over waar het écht om gaat, hoe het is en hoe het was. We logeerden ook bij mijn broer waarmee ik een stiller maar diep contact heb. Daar sliepen we op matrassen die je niet vergeten omdat zij beschikken over een geheugen. We zagen heel de familie terug met kerst, maar verloren ons wegens de drukte van het eten en drinken in een ongewilde oppervlakkigheid. Gesprekken die de goede kant uitgingen, werden afgebroken omdat er alweer nieuw eten werd geserveerd of omdat het tijd was om cadeautjes uit te delen. We legden tot drie bezoekjes per dag af en beseften dat we niet genoeg dagen hebben om iedereen te zien die we willen zien. We maken dat later dan wel weer mondjesmaat goed met gastvrijheid in Bras, als het zo uitkomt.

Een paar dagen geleden rolstoelde ik mijn vader het ziekenhuis van Asse in. De oude man hangt nog slechts met haken en ogen aan elkaar en heeft veel verzorging nodig. Mijn geboortedorp lag er nog stil bij die ochtend. Om plaats te maken voor algemene netheid zijn er alweer wat oude huizen afgebroken rond de Markt en op de hoek van de Nieuwstraat. Bij het doorkruisen van de Kerkstraat besloop me een parochiaans gevoelen en ik stel vast dat ik geen enkele band meer overhoud met de plek waar ik mijn jeugd doorbracht. De wereld raast verder en je raast mee. Of niet. Het is niet erg. Dit alles loslaten houdt ook een stuk bevrijding in. Mijn vader daarentegen herbeleeft zijn kindertijd in brutale verhaaltjes die hij ondanks zijn bijna blindheid tokkelt op zijn klavier en die hij soms opstuurt naar zijn kinderen. Meestal blijft hij hangen in een opsomming van de namen en bijnamen van mensen die hij kende als kleuter. Voor ons zijn het niet meer dan gezichtsloze namen, voor hem is het een stukje herinnering waaraan hij zich nu vastklampt omdat het onvermijdelijke zich meer en meer aandient. Hij bestrijdt zijn doodsangst met ontkenning en wenst nog verre reizen te maken met zijn kinderen alsof hij twintig jaar jonger was en nog geen grond had moeten prijsgeven, alsof hij nog steeds de Captain Love uit het diepst van zijn gedachten was. Hij geeft te kennen dat hij graag nog eens naar Portugal, de Alpen, Kaapstad, Bras,... wil gaan. Iedereen, behalve hijzelf, beseft dat dit ondernemingen zijn die niet meer kunnen in zijn toestand en we moeten hem steeds opnieuw bij een realiteit brengen die hij krampachtig afwijst. Vasthouden kan je ook gevangen houden, denk ik. 

We mogen nu in Brussel een schitterend appartementje gebruiken (duzend keer dank Max en Victoria). Aan de muren hangen enkele uitvergrote foto’s van Max en het verbaast me hoe hij een hele roman kwijt kan in dat ene enkele beeld dat me naar binnen zuigt en waarin ik verdwaal. Pakkend. Schoon. Zuiver. We zitten zeven hoog en krijgen een klare kijk op de stad cadeau. Het weer is mooi, de lucht is helder, het licht is aan, en we zien het Atomium liggen schitteren in de verte. De neogothische torentjes van de Onze-Lieve-Vrouwekerk in Laken vangen de zon, ik kan de koepel van de Sainte-Marie in de Koningsstraat bijna aanraken. Aan de andere kant weerkaatst de Financietoren de opkomende zon en houden de metalen steigers het Justietiepaleis gevangen in haar eeuwige kooi. Dit is Brussel op haar mooist. Deze rotte drukke corrupte zalige bruisende stad is één van mijn oude liefdes en ik word er haast weemoedig van. Het is goed hier nog eens te komen. Maar niet meer om er te wonen.

Straks rijden we alweer over Franse wegen en kijken we naar de verre bergen.

Via dit formulier kan je me een persoonlijk berichtje sturen
Schrijf me in op de blog en stuur me een bericht als er een nieuwe brief is

Volg de blog via RSS Feed

Via RSS Feed kan je op de hoogte blijven van nieuwe posts in deze blog. In je browser installeer je hiervoor een kleine extensie. Voor Chrome bijvoorbeeld vind je die hier. Voor Safari kan je deze installeren, en voor Firefox heb je een keuze aan RSS Feeders via deze link.

2081 Chemin de Counillière
83149 Bras
France

© Hans Lengeler 2020
Update 2022
www.webdesign-prepress.com

Deze site gebruikt 1 cookie om het aantal lezers te meten. Ce site utilise 1 cookie pour mesurer le nombre de visiteurs.